Landbouwers

Facebook Twitter
In België neemt de graanproductie ongeveer een kwart van de bewerkte bodem in en twee derden van die oppervlakte zijn bestemd voor tarwe. Dat is de grootste teelt in het Waalse Gewest, gevolgd door de suikerbiet : hij beslaat meer dan honderdduizend hectare grond en levert een miljoen ton per jaar op.

Maar de graanproducten vertegenwoordigen nauwelijks 5% van de waarde van de totale landbouwproductie en de oppervlakten die ervoor gebruikt worden, beginnen kleiner te worden. Gelijklopend daarmee is maar een vijfde van de Belgische graanproductie bestemd voor menselijke voeding, voor de bakkerij, voor koekjesmakers en voor de brouwerijen.

De rentabiliteit van de broodtarwe is minder groot dan die van de voedertarwe omdat een zelfde oppervlakte minder opbrengt van eerstgenoemde soort, terwijl de verkoopprijs doorgaans gelijkwaardig is en de vraag naar diervoeders almaar blijft toenemen.

Veel landbouwers kiezen daarom voor de productie van niet voor brood geschikte variëteiten, maar die bestemd zijn voor de veevoedersector en de biobrandstofproductie (energie uit plantaardige materie). Het gevolg is dat België 85% van zijn broodtarwe invoert.

Lettre d'information