Volatiliteit van de prijzen

Facebook Twitter
Tot in 2005 waren de prijzen van de granen – en van tarwe in het bijzonder – een eeuw lang alleen maar gedaald. In België is de tarweprijs met de helft gedaald op twintig jaar tijd, tussen 1985 en 2005. Plots, vanaf 2006, kenden de graanprijzen een spectaculaire stijging op de internationale markten : de tarweprijs is verdubbeld tussen februari 2007 en februari 2008, tot op een nooit eerder bereikte recordhoogte ! Vanwaar die opstoot ? Er zijn veel oorzaken en ze zijn heel complex.

Maar we kunnen toch proberen om het belangrijkste mechanisme erachter te begrijpen door te kijken naar de fundamenten van de markt : het principe van vraag en aanbod en de speculatie. Tot voor kort was de vraag naar tarwe wereldwijd relatief stabiel, voorspelbaar en "onelastisch", d.w.z. dat ze geen of weinig rekening hield met het beschikbare aanbod en de prijzen.

Vraag en aanbod

Maar het aanbod varieert van jaar tot jaar, naar gelang van de oogsten, die o.a. afhankelijk zijn van weerelementen (overstromingen, vorst, droogtes enz.) en van fytosanitaire factoren (gewassenvernielers, ziekten enz.).

Omdat de vraag relatief constant blijft, worden de schommelingen van het aanbod "afgevlakt" oftewel gecompenseerd dankzij private en overheidsingrepen om voorraden op te slaan, die eventuele latere dalingen van het aanbod moeten ondervangen.

In 2007 bleken de oogsten in meerdere gebieden slecht te zijn door moeilijke weersomstandigheden en dat heeft het aanspreken van de voorraden noodzakelijk gemaakt. Jammer genoeg hadden meerdere landen al uit hun voorraden geput zonder ze weer aan te vullen.

Bijgevolg overtrof de vraag het zichtbaar beschikbare aanbod en ontstond er paniek omdat tarwe een onmisbaar basisproduct is voor de voeding van de bevolking. Alle invoerlanden hebben gelijktijdig tarwe willen kopen, terwijl de uitvoerlanden de verkoop verminderd hebben om zelf hun reserves te kunnen behouden. Dat heeft de prijzen een hoge vlucht doen nemen vanaf het einde van 2007 en dat effect werd nog versterkt door de speculanten, die in deze stijgende trend figuurlijk "brood" zagen en massaal geïnvesteerd hebben in de landbouwproducten.

Sinds 2010 is de tarwemarkt weer enigszins gestabiliseerd, maar de prijzen blijven hoog en volatiel : begin 2012 werd één ton tarwe verkocht voor een prijs rond de 200 euro, na eerdere pieken van bijna 300 euro eind 2007-begin 2008 en tegenover maar een honderdtal euro in 2005.

Structurele oorzaken

De stijgende trend van de tarweprijs wordt verklaard door structurele oorzaken die het evenwicht tussen vraag en aanbod veranderd hebben. Aan de kant van de vraag is er de exponentiële toename van de wereldbevolking : in plaats van "maar" drie miljard mensen op de planeet in 1960, tellen we er meer dan zeven miljard op het einde van 2011 en schatten de Verenigde Naties dat we tegen het einde van deze eeuw de kaap van tien miljard zouden kunnen ronden.

Parallel met deze bevolkingsaangroei zorgt de stijging van de levensstandaard in de opkomende landen voor een sterke toename van de vraag naar vlees en bijgevolg van de vraag naar veevoeder. Dat gaat evenwel ten koste van de productieoppervlakte voor menselijke voeding, aangezien er in bepaalde omstandigheden tot 10 kg granen (plus enorme hoeveelheden water en hooi) nodig zijn om 1 kg rundvlees te produceren.

Vandaag de dag verbruikt de industriële teelt meer dan de helft van de wereldwijde graanproductie. Als we terugkeren naar de marktwerking, dan zien we aan de kant van het aanbod onder andere een toename van de interesse voor biobrandstoffen, die eveneens een deel van de landbouwproducten voor menselijke voeding omvormen voor de productie van energie.

De bio-brandstoffen genieten in veel landen van overheidssubsidies, zowel om de afname van de oliereserves te ondervangen als om de klimaatveranderingen te bestrijden. Door die subsidies blijkt die bedrijfskolom voor de landbouwproducenten vaak rendabeler te zijn dan de voedingsbranche. Maar die politiek heeft ook tal van foute effecten en lokt felle kritiek uit, onder andere omdat hij het aanbod van basisproducten zoals tarwe en maïs doet afnemen en hun prijzen doet stijgen. In België is BioWanze, opgericht begin 2009, de grootste fabrikant van bio-ethanol op basis van tarwe.

Speculatie

Parallel met die structurele veranderingen is de volatiliteit van de prijzen ten top gerezen door de sterke toename van de speculatie op de landbouwproducten door de grote financiële spelers. Almaar meer financiële producten, zoals de beleggingsfondsen en pensioenfondsen, bevatten momenteel landbouwwaarden, terwijl ze geen enkele concrete band hebben met de handel in landbouw- en voedingsproducten.

De financiële actoren speculeren op het feit dat de prijs van de landbouwproducten fors zal stijgen op lange termijn, rekening houdend met de stijgende trend van de vraag en de afname van het aanbod. Ze beleggen daarom massaal in aandelen op landbouw-grondstoffen en creëren zo een "speculatieve luchtbel", zoals dat heet. Dat komt neer op een kunstmatige inruilprijs die merkelijk hoger is dan de intrinsieke waarde van de geruilde goederen.

Wanneer die financiële beleggers beslissen om hun aandelen massaal te verkopen, dan spat de luchtbel uiteen en storten de prijzen naar beneden. Gelet op de structurele trend van stijgende landbouwprijzen op lange termijn, herhaalt dit fenomeen zich met regelmatige tussenpozen, waardoor de "volatiliteit" van de prijzen ontstaat, d.w.z. prijsstijgingen en -dalingen zonder enig verband met het reële aanbod en de reële vraag.

Agenda

Lettre d'information